Misschien lijkt het in het begin allemaal wel heel erg gemakkelijk. Een trainingsschema waarin je in 29 weken wordt klaargestoomd voor een halve marathon of 10 kilometer. In de eerste weken gaat het vaak heel gemakkelijk. De lange duurlopen in het weekend zijn nog niet zo lang en ook de tempolopen vallen mee. Maar zo halverwege december wordt het allemaal toch wel wat zwaarder. Bovendien gaan sommige mensen dan met wintersportvakantie, anderen gaan een paar weken naar de warmte en ook krijgen sommige lopers te maken met blessures.
Vaak krijgen de trainers in die periode dan allerlei vragen:
- wat moet je doen als je een blessure hebt gehad, hoe pak je de training dan weer op?
- Wat moet ik doen in de vakantie?
Het antwoord op de tweede vraag is het eenvoudigst: In de vakantie mag er best iets minder worden getraind, maar is het wel verstandig om in ieder geval de lange duurloop volgens schema te blijven doen. Dat moet toch mogelijk zijn, maar dat vergt vaak wel enige creativiteit. Wanneer je in de kerstvakantie op vakantie gaat naar de warmte, is het wel verstandig om daar goed rekening mee te houden. Maar het is dan natuurlijk wel heel lekker om bijv. in Portugal langs de kust je duurlopen te doen bij 15 of 20 graden. De eerste dagen zul je even moeten wennen aan die temperatuur en dan zul je zeker bij terugkomst in Nederland ook weer moeten doen.
Voor de mensen die op wintersport gaan, is de situatie natuurlijk heel anders. Dat is sowieso een actieve vakantie, waarbij je vooral ook eens wat andere spieren gebruikt. Zelf ga ik vaak langlaufen in deze periode en dat is zeker een goede vervanging voor hardlopen. Wel probeer ik dan 2 maal in de week hard te lopen. Voor mensen die skiën geldt ook dat ze wat spieren gebruiken die ze anders niet gebruiken, na een paar dagen kun je soms ineens met gestrekte knieën je tenen aanraken, wat veel lange afstandslopers vaak niet kunnen in zware trainingsweken.
Na een blessure (en het zelfde geldt na een griepje), is het verstandig om eerst alleen die rustige lange duurloop te doen, samen met 1 of 2 andere rustige duurloopjes. De tempo trainingen zijn dan even iets minder belangrijk. En de lange duurloop pakt u op bij het niveau van enkele weken voordat u geblesseerd raakte, bijvoorbeeld:
“In week 15, de week van 12 januari, raakte u geblesseerd. Na twee weken bent u weer hersteld. Dan is het eigenlijk dus week 17. Kijk dan bijv. in week 13 en pak de lange duurloop dan op dat niveau weer op (in plaats van 12 kilometer dus 10 kilometer). Als dat goed gaat, kunt u tijdelijk even met stappen van twee weken door het schema gaan, tot u weer kunt aanpikken bij het niveau. Dat is dan ook het moment om de tempolopen weer te gaan doen, liefst niet eerder”.
Dat is dus totaal een andere benadering dan: “Ik heb twee weken niet gelopen en dat wil ik in de komende weken weer inhalen, dus ga ik wat extra doen!!”. Als u iemand (of u zelf) dit hoort zeggen, dan moet u die persoon (of u zelf) toch vertellen dat dit niet de juiste manier is.
U kunt mij of een andere trainer ook altijd per e-mail vragen stellen als u hierover vragen heeft. Blijf in ieder geval niet te lang met dit soort problemen rondlopen. We adviseren iedereen ook altijd om in het geval van een blessure wel de clinics te bezoeken. Fysiotherapeut Frank Koehorst vangt die mensen altijd op en doet met deze groep een aangepast schema. Frank heeft jarenlange ervaring met dit soort groepen tijdens de clinics en stelt er een eer in om die groep ook weer fit te krijgen.
Bedenk ook dat lopen een zware sport is, zeker voor de enkels en knieën. Het bijstellen van ambities (tijd is niet belangrijk, het gaat om het uitlopen) kan zeker een optie zijn, als de tempolopen een te grote aanslag zijn op uw lichaam.
Marti ten Kate